foodtechnology

OPLOSSING VOOR VET BRANDEN

Branden van frituurvet en -olie staan bekend als gevaarlijkebrandrisico's. Deze branden ontstaan doordat het vet of de olie oververhit raken, bijvoorbeeld door een vergeten frituurpan of een defecte thermostaat. Zodra het vet een temperatuur van ongeveer 350°C bereikt zal het spontaan ontbranden en kan het met normale blusmiddelen niet geblust worden. Imtech’s Saval heeft nu een speciale blusstof ontwikkeld waarmee frituurvet en -olie wél geblust kunnen worden: Bioclass ABF. Een uitgebreide visie op technology voor vetbranden

Klik hier voor demonstratie….

Demo vetbrand blussen

Brandklasse F vereist passende maatregelen
Branden van frituurvet en -olie komen regelmatig voor, zijn lastig te bestrijden én ontstaan vrijwel altijd op plaatsen waar veel mensen bij elkaar komen, zoals in restaurants en cafetaria. Het is dan ook terecht dat deze branden in de Nederlandse beveiligingspraktijk steeds meer aandacht krijgen.

Onlangs is dit brandtype als brandklasse F opgenomen in de Nederlandse normen voor brandbestrijding NEN-EN2 en NEN-EN3-7.

De brandklasse F
In de norm NEN-EN 2 zijn de brandklassen beschreven: standaardbrandtypen die zich op een bepaalde manier ontwikkelen en die met specifieke, min of meer gestandaardiseerde middelen geblust kunnen worden. Het blussen van frituurbranden vereist speciale blusmiddelen en brengt bijzondere risico's met zich mee. Daarom is hiervoor een speciale brandklasse geïntroduceerd: de brandklasse F. De letter F is afkomstig uit de Engelse normeringen (Class F) en is een afkorting van Fat. In de Amerikaanse normering wordt deze brandklasse Class K (Kitchen) genoemd.

De officiële omschrijving van de brandklasse F luidt:

" fires involving cooking media (vegetable or animal oils and fats) in cooking appliances"

Olie en vet zijn onder normale omstandigheden nauwelijks brandbaar, zelfs niet bij de temperaturen waarmee gefrituurd wordt (150 - 190°C). Het bijzondere risico van de brandklasse F ontstaat wanneer de olie of het vet oververhit raakt en een temperatuur boven de zelfontbrandingstemperatuur (ca. 340°C) bereikt. De daadwerkelijke zelfontbranding geschiedt in de praktijk bij temperaturen van ca. 370°C. Op dat moment is niet alleen het brandende vloeistofoppervlak tot deze temperatuur verhit, maar de gehele inhoud van de frituurbak.

Voor een succesvolle blussing van een klasse F brand zijn twee stappen noodzakelijk:

  1. de vlammen moeten gedoofd worden om branduitbreiding en verdere opwarming te voorkomen
  2. de gehele inhoud van de bak moet worden teruggekoeld tot beneden de zelfontbrandingstemperatuur.

Vooral de tweede stap is erg belangrijk. Zo lang de inhoud van de bak nog boven de zelfontbrandingstemperatuur is, zal de brand herontsteken wanneer de olie in contact komt met zuurstof uit de omringende lucht.

Om snel grote hoeveelheden snacks te kunnen frituren, wordt het verwarmingsvermogen van frituurapparaten steeds groter. Hierdoor neemt ook het brandrisico toe. Bij een defect in de temperatuursregeling zal het vet immers sneller oververhit raken. De opkomst van fast-food restaurants heeft geleid tot een toename van het aantal klasse F branden.

Gangbare blusstoffen niet geschikt
De normale blusstoffen zijn niet geschikt voor de brandklasse F, en sommige zijn zelfs gevaarlijk.

water
Zodra water in contact komt met het oververhitte frituurvet, wordt het onmiddellijk omgezet in stoom waarbij een sterke expansie (1700x) optreedt. Als het water met te grote druppels, of zelfs met een gebonden straal in het hete vet valt, dan zal deze stoomvorming onder het vloeistofoppervlak optreden waardoor het brandende hete vet met grote kracht uit de bak geblazen wordt. Dit kan zeer ernstige brandwonden en een snelle branduitbreiding veroorzaken. De algemene vuistregel bij klasse F branden is daarom: niet met water blussen!

Water kan echter wel effectief zijn als blusmiddel voor de brandklasse F wanneer de druppels fijn genoeg verdeeld zijn (watermist). In dat geval treedt de stoomvorming boven het vetoppervlak op waardoor de vlammen doven en het vet aan het oppervlak afkoelt. Het koelen van de bakinhoud gaat echter vrij langzaam waardoor de watermist langdurig opgebracht moet worden. Watermist wordt daarom niet toegepast in draagbare blustoestellen, maar alleen in vaste installaties, vooral in de voedingsmiddelenindustrie.

blusschuim
Blusschuim bestaat voor het grootste gedeelte uit water, en daarmee brengt het gebruik van blusschuim op klasse F branden dezelfde risico's met zich mee als water. Daarbij komt nog dat blusschuim door de stoomvorming zeer sterk zal verschuimen waardoor de brandende inhoud van de bak over de rand kan stromen.

bluspoeder
Bluspoeder zal de vlammen zeer snel doven, maar neemt de hitte in het frituurvet niet weg. De brand zal daarom onmiddellijk herontsteken.

koolstofdioxide (CO2)
Met koolstofdioxide (CO2) kunnen de vlammen snel geblust worden, maar dit blusmiddel neemt - net als bluspoeder - de hitte in het frituurvet niet weg.

CO2 wordt wel toegepast als blusmiddel in vast opgestelde blusinstallaties. In dat geval zorgt het blusgas voor het doven van de vlammen, en moet het vet langs natuurlijke weg afkoelen. Dit afkoelen kan zeer lang duren, en het oppervlak boven het vet moet al die tijd zuurstofarm gehouden worden om herontsteking te voorkomen. Dit vereist omvangrijke en complexe blusgassystemen.

Afdekken helpt niet
Het afdekken van een frituurbrand met behulp van een metalen deksel of blusdeken is niet eenvoudig. De vlammen zullen pas doven wanneer de bak volledig is afgesloten en er geen verse verbrandingslucht meer in kan komen. De gebruiker moet dichtbij komen om de deksel of de blusdeken op de frituurbak te leggen; de hoge vlammen kunnen daarbij ernstige verwondingen veroorzaken.

Een deksel of blusdeken draagt niet bij tot het afkoelen van de inhoud. Integendeel; de afkoeling wordt erdoor gehinderd.

Duits onderzoek leert dat blusdekens niet langdurig bestand zijn tegen de hitte van een professionele frituurinstallatie. Blusdekens worden daarom alleen aanbevolen voor het blussen van branden in kleine huishoudelijke frituurapparaten, en voor het blussen van kledingbranden in professionele keukens.

Nieuwe aanpak: "wet chemical" blusstoffen
De nieuwe "wet chemical" blusstoffen vormen een veilige en effectieve oplossing voor de genoemde risico's en nadelen. Wet chemicals zijn blusstoffen die voor een deel uit water en voor een deel uit speciale chemicaliën bestaan. Deze chemicaliën reageren met het hete vet en zetten het razendsnel om in een dikke laag onbrandbaar materiaal. Het water in de wet chemical blusstof zorgt voor koeling van het resterende vet.

Door gebruik te maken van een speciale blusnozzle wordt de wet chemical blusstof rustig en verdeeld in kleine druppels op het brandende vloeistofoppervlak gebracht. Stoomvorming onder het vloeistofoppervlak wordt hiermee voorkomen waardoor het hete vet niet uit de bak geblazen wordt. Wet chemical blusstoffen worden zowel in draagbare blustoestellen als in vaste blusinstallaties toegepast. Wet chemical blusstoffen zijn ook effectief inzetbaar tegen vaste stof branden (brandklasse A).

Saval blusser
Voorbeeld van een draagbaar blustoestel voor de brandklasse F. Dit type is geschikt voor de brandklassen A en F, en is bovendien voorzien van het milieukeur en een speciale verlenglans die de gebruiker extra veiligheid biedt.

Draagbare blustoestellen voor brandklasse F
De meest eenvoudige oplossing voor het klasse F brandrisico is een speciaal draagbaar blustoestel. Vrijwel alle goedgekeurde blustoestellen voor de brandklasse F zijn gevuld met een wet chemical blusstof. In augustus 2007 is de norm NEN-EN3-7+A1 van kracht geworden. In deze norm zijn de keuringseisen en het minimum blusvermogen voor blustoestellen vastgelegd. Voor de brandklasse F zijn de volgende blusvermogens en blusproeven gedefinieerd:

  • 5F getest op een frituurbak met een inhoud van 5 liter
  • 25F getest op een frituurbak met een inhoud van 25 liter
  • 40F getest op een frituurbak met een inhoud van 40 liter
  • 75F getest op een frituurbak met een inhoud van 75 liter

Een blusproef is geslaagd indien de proefbrand met succes is geblust en bovendien binnen twintig minuten na de blussing geen herontsteking optreedt.

Het blusvermogen is een belangrijke indicator voor de effectiviteit van het blustoestel: hoe hoger het blusvermogen, hoe groter de kans dat een gebruiker de brand met succes blust.

De norm eist verder dat het blustoestel veilig gebruikt kan worden op elektrische apparatuur onder spanning. Blustoestellen voor de brandklasse F kunnen ook geschikt zijn voor de brandklassen A en/of B.

Op het bedieningsetiket van het blustoestel komen twee bijzondere aanduidingen voor:

  • de minimale blusafstand die in acht genomen moet worden
  • de aanduiding dat het blustoestel volledig leeggespoten moet worden.

Deze laatste aanduiding heeft te maken met het koelend effect op de olie of het vet: als de gebruiker het blustoestel volledig leegspuit dan wordt de inhoud van de frituurbak optimaal afgekoeld.

De brandklasse F is lastig te bestrijden en door het hete vet is een blusactie niet zonder risico. Daarom is het zeer belangrijk dat de mogelijke gebruikers (het keukenpersoneel) weten hoe het blustoestel gebruikt moet worden. Opleiding en training zijn essentieel voor veilige en effectieve brandbestrijding, ook (of misschien wel juist) bij de brandklasse F.

De praktijk in Nederland
In het verleden werden in Nederland de volgende beveiligingseisen gesteld bij gebruik van professionele frituurapparatuur:

  • de metalen deksel moet aanwezig en bereikbaar zijn
  • in de keuken of in het keukengedeelte moet een CO2-blusser met een inhoud van 5 kg. aanwezig zijn.

De vele onderzoeken die voorafgaand aan het verschijnen van de NEN-EN3-7 zijn uitgevoerd, hebben duidelijk aangetoond dat deze praktijk weinig effectief en in feite achterhaald is. Afdekken werkt niet bij grotere frituurapparaten, CO2 dooft de vlammen wel maar helpt niet tegen herontsteking.

Steeds vaker worden daarom speciale blustoestellen voor de brandklasse F geëist in professionele keukens. Dat is een belangrijke stap in de goede richting. Maar draagbare blustoestellen zijn niet altijd de juiste oplossing. Als de opleiding en training van het keukenpersoneel niet gewaarborgd kunnen worden, dan is het beter om te vertrouwen op een vast geïnstalleerde blusinstallatie. In fast-food restaurants met een sterk personeelsverloop en veel part-time medewerkers is de trend naar deze blussystemen al duidelijk waarneembaar.

toepassing:

draagbaar blustoestel

vast opgestelde blusinstallatie

huishoudelijke frituurapparaten

professionele frituurapparaten

water

gevaarlijk

gevaarlijk

geschikt*

schuim

gevaarlijk

gevaarlijk

gevaarlijk

bluspoeder

ongeschikt

ongeschikt

ongeschikt

CO2

ongeschikt

ongeschikt

geschikt**

deksel
blusdeken

geschikt

ongeschikt

n.v.t.

wet chemical

geschikt

geschikt

geschikt

geschikt

geschikt

*     alleen als watermist
**   landurig inertiseren vereist

ongeschikt

ongeschikt

gevaarlijk

gevaarlijk

Meer weten: bekijk hier de demo film of download de PDF Saval_bioclass_F6C.pdf